Citaat | Hoge Raad 22 april 1986
Alinea 32 Hoge Raad 22 april 1986
Een alinea uit Hoge Raad 22 april 1986, ECLI:NL:HR:1986:AC9315.
4.3. Ingevolge het eerste lid van art. 25 Sv. moet van het onderzoek der raadkamer door de griffier een proces-verbaal worden opgemaakt, behelzende de zakelijke inhoud van de afgelegde verklaringen en voorts hetgeen verder bij dat onderzoek is voorgevallen, terwijl dit artikel tevens voorschriften bevat ten aanzien van de wijze waarop het proces-verbaal behoort te worden ingericht, vastgesteld, ondertekend en bij de processtukken wordt gevoegd. Aangezien een proces-verbaal van het onderzoek der raadkamer, dat heeft geleid tot de bestreden beschikking, niet bij de processtukken is aangetroffen, moet het ervoor worden gehouden dat het opmaken daarvan is verzuimd. Dit verzuim heeft betrekking op een wezenlijke vorm van de procedure in raadkamer, zodat het nietigheid van het onderzoek moet meebrengen, ook al is deze niet met zoveel woorden in de wet bedreigd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/deb6d0cce8d6abfcaa49ddc450b2dca0a6c3509ab6a67558f27004e7c0708e00. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt deb6d0cce8d6abfcaa49ddc450b2dca0a6c3509ab6a67558f27004e7c0708e00, en de alinea staat in dat document op bytes 18031 tot 18912.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/deb6d0cce8d6abfcaa49ddc450b2dca0a6c3509ab6a67558f27004e7c0708e00 | shasum -a 256