Citaat | Hoge Raad 28 november 1986

Alinea 29 Hoge Raad 28 november 1986

Een alinea uit Hoge Raad 28 november 1986, ECLI:NL:HR:1986:AC9604.

3.2 Uit het voorgaande volgt dat het middel gegrond is. De Hoge Raad kan de zaak zelf afdoen. Blijkens 's Hofs in zoverre in cassatie niet bestreden arrest was de enige door de Raad tegen het beroepen vonnis aangevoerde grief, dat de Rechtbank ten onrechte had nagelaten om [verweerder] als volledig in het ongelijk gestelde partij bij dat vonnis in de kosten van het geding te veroordelen en heeft de Raad in zoverre vernietiging van het beroepen vonnis gevraagd met vordering tot veroordeling alsnog van [verweerder] in de kosten van de eerste aanleg en in die van het hoger beroep. Ingevolge het onder 3.1 overwogene is die grief gegrond, zodat het vonnis van de Rechtbank moet worden vernietigd voor zover daarbij een kostenveroordeling achterwege is gebleven, terwijl [verweerder] als de in het ongelijk gestelde partij in de kosten van het geding in eerste aanleg en in die van het hoger beroep moet worden veroordeeld. Nu [verweerder] de bestreden uitspraak niet heeft uitgelokt, noch verdedigd zal de Hoge Raad een kostenveroordeling in cassatie achterwege laten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/66ea8e5623da982da2d897d140e2985ef2f9886b7da188eca2f3a3355a38f827. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 66ea8e5623da982da2d897d140e2985ef2f9886b7da188eca2f3a3355a38f827, en de alinea staat in dat document op bytes 8429 tot 9513.