Citaat | Hoge Raad 27 juni 1986

Alinea 39 Hoge Raad 27 juni 1986

Een alinea uit Hoge Raad 27 juni 1986, ECLI:NL:HR:1986:AD3741.

Nadat de President de vorderingen van de milieuverenigingen op andere gronden had afgewezen, heeft het Hof, beslissend op het door hen ingestelde hoger beroep, ambtshalve de milieuverenigingen in hun vorderingen niet-ontvankelijk verklaard. Dit oordeel heeft het Hof hierop gegrond — kort samengevat — dat de milieuverenigingen niet enig concreet eigen belang hebben gesteld dat zou zijn aangetast, en een zodanig belang ook anderszins niet aannemelijk is geworden, terwijl de omstandigheid dat de milieuverenigingen zich door middel van hun statutaire doelstellingen de behartiging van de aldaar omschreven (algemene) belangen aantrekken, nog niet meebrengt dat deze belangen daardoor hun eigen belang geworden zijn en de gestelde aantasting van die belangen door de Gemeente jegens hun onrechtmatig zou zijn, zodat hun te dier zake rechtsingang zou toekomen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0afe2e383113fee0636f436e408ac5f67e35c841252410a65bb647e6a89a6480. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0afe2e383113fee0636f436e408ac5f67e35c841252410a65bb647e6a89a6480, en de alinea staat in dat document op bytes 9104 tot 9982.