Citaat | Hoge Raad 27 januari 1989

Alinea 20 Hoge Raad 27 januari 1989

Een alinea uit Hoge Raad 27 januari 1989, ECLI:NL:HR:1989:AD0607.

Nadat [eiser] tegen die vordering verweer had gevoerd, heeft Stork haar eis vermeerderd met de vordering dat de Rechtbank (a) zal verklaren voor recht dat Stork geen inbreuk heeft gemaakt op het Nederlandse octrooi 166.841 en met name dat de uitvoering bedoeld in het vonnis d.d. 23 februari 1984 en de uitvoeringen bedoeld in rechtsoverweging 3 sub 1 van het vonnis d.d. 26 april 1984 van de President van de Rechtbank te 's-Hertogenbosch, niet onder de beschermingsomvang van genoemd octrooi vallen, en (b) [eiser] zal veroordelen om aan Stork te vergoeden de door Stork als gevolg van de onrechtmatige handelingen van [eiser] en met name van [eiser] in de akte van vermeerdering van eis omschreven handelingen, geleden en nog te lijden schade, op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet, met wettelijke rente.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/02351d5b7ac7a2916bb861ac7f0325f012b54bc4cf01f7fd03a5e9e8926aa474. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 02351d5b7ac7a2916bb861ac7f0325f012b54bc4cf01f7fd03a5e9e8926aa474, en de alinea staat in dat document op bytes 5723 tot 6560.