Citaat | Hoge Raad 1 juni 1990

Alinea 85 Hoge Raad 1 juni 1990

Een alinea uit Hoge Raad 1 juni 1990, ECLI:NL:HR:1990:AB7625.

3.5.6 Voor het overige kan op de onderdelen 2, 3 en 5 tot en met 8 niet worden beslist zonder uitlegging van het bepaalde in art. 85 lid 1 van het EEG-verdrag. Zoals in de conclusie van het Openbaar Ministerie onder 6.7 en 6.8 is uiteengezet, heeft het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen nog geen uitspraken gedaan waaruit met voldoende zekerheid kan worden afgeleid hoe een overeenkomst als de onderhavige moet worden beoordeeld in het licht van art. 85 lid 1. De Hoge Raad acht het dan ook noodzakelijk ingevolge het bepaalde in art. 177 van het EEG-verdrag aan het Hof van Justitie te verzoeken een prejudiciële uitspraak te doen omtrent de hierna onder 4 omschreven vragen van uitlegging van art. 85 lid 1.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/b5b54b132bc0a629429b2096c99dd2dbcdd709d7ac4929e32db21fb3844e918a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt b5b54b132bc0a629429b2096c99dd2dbcdd709d7ac4929e32db21fb3844e918a, en de alinea staat in dat document op bytes 29202 tot 29939.