Citaat | Hoge Raad 9 juli 1990
Alinea 51 Hoge Raad 9 juli 1990
Een alinea uit Hoge Raad 9 juli 1990, ECLI:NL:HR:1990:AC0958.
3.5 Het Hof heeft overwogen dat nu de door de stichting gepretendeerde rechten niet bestaan, niet valt in te zien op welke wijze [verweerder] onrechtmatig zou handelen door gebruik van zijn dijkje niet te gedogen. Het Hof heeft daaraan toegevoegd dat zulks temeer geldt nu door [verweerder] is verklaard dat wanneer een bepaalde incidentele noodsituatie dat zou vergen, hij het begaan van zijn perceel zal toelaten. 's Hofs overweging geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en behoefde geen nadere motivering, zodat ook middel 4 ongegrond is.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bb55217040110526c138d95dbbec24ffa76a122ff3c4023f040acfeee830f95e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bb55217040110526c138d95dbbec24ffa76a122ff3c4023f040acfeee830f95e, en de alinea staat in dat document op bytes 14332 tot 14899.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bb55217040110526c138d95dbbec24ffa76a122ff3c4023f040acfeee830f95e | shasum -a 256