Citaat | Hoge Raad 22 maart 1991
Alinea 29 Hoge Raad 22 maart 1991
Een alinea uit Hoge Raad 22 maart 1991, ECLI:NL:HR:1991:ZC0182.
- (ii) [B] , wier rekening bij de Bank toen een debetsaldo van ruim f 975.000,-- vertoonde en van wie de Bank ook uit anderen hoofde aanzienlijke bedragen te vorderen had, werd tot voormelde betaling in staat gesteld doordat de Bank toestemde in de daaruit resulterende verhoging van het debetsaldo van [B] 's rekening. De Bank had daarbij de bedoeling dat dit bedrag zou worden gebruikt om, in het zicht van het naderend faillissement van [A] - dat naar zij wist was aangevraagd - het debetsaldo van [A] bij de Bank zoveel mogelijk te "schonen".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/86c545cc2c1c6ba44dd1bdad683161854eb439852093cde3454a30953b1554f9. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 86c545cc2c1c6ba44dd1bdad683161854eb439852093cde3454a30953b1554f9, en de alinea staat in dat document op bytes 8028 tot 8622.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/86c545cc2c1c6ba44dd1bdad683161854eb439852093cde3454a30953b1554f9 | shasum -a 256