Citaat | Hoge Raad 22 december 1992

Onder 5.2. ’ Hoge Raad 22 december 1992

Een alinea uit Hoge Raad 22 december 1992, ECLI:NL:HR:1992:1.

s Hofs oordeel, daarop neerkomende dat in de onderhavige zaak de plaats waar de desbetreffende geschriften door de beledigde personen zijn ontvangen kan worden aangemerkt als de plaats waar het telastegelegde feit is gepleegd, geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Hieraan doet niet af de omstandigheid dat [betrokkene 2] in zijn zaak zou zijn vrijgesproken en dat de zoon van de verdachte niet verder is vervolgd. 5.3. Het middel faalt derhalve.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/efaafd7ffc0f784a77d3fa4d9d8df6ebc2b7b57fc58445ec19308603053af0cc. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt efaafd7ffc0f784a77d3fa4d9d8df6ebc2b7b57fc58445ec19308603053af0cc, en de alinea staat in dat document op bytes 25698 tot 26183.