Citaat | Hoge Raad 16 maart 1993

Onder 3.3 Hoge Raad 16 maart 1993

Een alinea uit Hoge Raad 16 maart 1993, ECLI:NL:HR:1993:AD1844.

Als ik het wèl zie, zou tegenover het vertrouwensbeginsel, dat voor het Hof zwaar gewogen heeft, gesteld moeten worden het uitgangspunt, dat van procespartijen een zekere alertheid verwacht mag worden. Verdachte had ofwel op 5 juni 1990 ter zitting weer moeten verschijnen, ofwel tijdig moeten informeren, hoe zijn zaak was verlopen (hetgeen, gelet op de goede service die de griffies tegenwoordig bieden, gemakkelijk kon); als hij de zaak zelf laat ‘’sloffen’’, gaat het niet aan hem ook nog eens een reddingsboei toe te werpen, waarmee het ‘’gesloten systeem van rechtsmiddelen’’ (de Hullu, ‘’Over rechtsmiddelen in strafzaken’’ pag. 462) wordt doorbroken.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7d7f74210205d8283b16e23bf7f08fd2dfb0083c07f43f93871b173605d25c62. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7d7f74210205d8283b16e23bf7f08fd2dfb0083c07f43f93871b173605d25c62, en de alinea staat in dat document op bytes 12042 tot 12739.