Citaat | Hoge Raad 29 maart 1995
Alinea 5 Hoge Raad 29 maart 1995
Een alinea uit Hoge Raad 29 maart 1995, ECLI:NL:HR:1995:AA1528.
3. Beoordeling van de middelen van cassatie 3.1. In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan: In de jaren 1987 tot en met 1990 was belanghebbende werkzaam als docent koordirectie aan een conservatorium en als dirigent/repetitor bij een aantal koren. In zijn aangiften voor de heffing van de inkomstenbelasting vermeldde hij, naast loon uit dienstbetrekking, als winst uit onderneming over het jaar 1987, waarin hij werkzaamheden had verricht voor drie koren: ƒ 28.685,--, over het jaar 1988, waarin hij werkzaamheden had verricht voor vier koren: ƒ 52.777,-- en over het jaar 1989, waarin hij werkzaamheden had verricht voor twee koren: ƒ 46.734,-- (hierna: de opbrengsten). Voor deze werkzaamheden als dirigent/repetitor heeft belanghebbende investeringen gedaan en heeft hij een personenauto, een videorecorder en audio-apparatuur tot zijn ondernemingsvermogen gerekend. Aan de werkzaamheden waarvan hij de opbrengsten als winst uit onderneming aangaf, besteedde hij ten minste 1225 uren per jaar. Belanghebbende heeft voldoening van omzetbelasting over de opbrengsten achterwege gelaten. De Inspecteur heeft te dier zake de onderhavige naheffingsaanslag opgelegd.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2b5accdc79c7c2d73851a1a61f4769d9fce6fc454150b9a3868ae65dadb0d6a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2b5accdc79c7c2d73851a1a61f4769d9fce6fc454150b9a3868ae65dadb0d6a6, en de alinea staat in dat document op bytes 5626 tot 6815.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2b5accdc79c7c2d73851a1a61f4769d9fce6fc454150b9a3868ae65dadb0d6a6 | shasum -a 256