Citaat | Hoge Raad 7 juni 1995
Alinea 11 Hoge Raad 7 juni 1995
Een alinea uit Hoge Raad 7 juni 1995, ECLI:NL:HR:1995:AA1597.
3.3. Het Hof heeft geoordeeld dat, nu belanghebbende niet heeft voldaan aan zijn inlichtingenplicht, hij overtuigend dient aan te tonen dat de aanslag te hoog is vastgesteld. Het heeft - voor zover in cassatie van belang - daartoe overwogen: dat de Inspecteur voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de beantwoording van de hiervóór in 3.1.3 bedoelde vraag voor de belastingheffing van belanghebbende van belang kan zijn; dat, nu belanghebbende eerst in de beroepsfase de gevraagde inlichting heeft verstrekt, zulks niet kan worden aangemerkt als het voldoen aan de bij artikel 47 van de Wet jegens de Inspecteur bestaande verplichting; dat immers het bepaalde in artikel 47, lid 1, letter a, jo. artikel 29, lid 1, van de Wet niet aan zijn doel kan beantwoorden, indien het de belastingplichtige vrijstaat zich aan de sanctie van "omkering" van de bewijslast te onttrekken door pas in beroep tegen de uitspraak van de inspecteur alsnog het gevraagde te verschaffen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e5d3cc5721e660e958eca0df289c07e4fcd5f85e42158d0449e37dfd01e5d51a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e5d3cc5721e660e958eca0df289c07e4fcd5f85e42158d0449e37dfd01e5d51a, en de alinea staat in dat document op bytes 7228 tot 8210.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e5d3cc5721e660e958eca0df289c07e4fcd5f85e42158d0449e37dfd01e5d51a | shasum -a 256