Citaat | Hoge Raad 21 juni 1995

Alinea 80 Hoge Raad 21 juni 1995

Een alinea uit Hoge Raad 21 juni 1995, ECLI:NL:HR:1995:AA1633.

3.1.4 Gegeven het feit, dat ten tijde van de huwelijkssluiting de onderneming voor rekening en risico van de erflater werd gedreven, kan zowel huwelijksvermogensrechtelijk als fiscaalrechtelijk slechts sprake zijn van ondernemerschap van de echtgenote indien de erflater op enig moment zijn onderneming (geheel of ten dele) aan zijn echtgenote heeft overgedragen. Het hof heeft feitelijk beslist, dat daarvan niet is gebleken. Op grond daarvan kon en mocht het hof beslissen, dat de echtgenote niet ("feitelijk" te verstaan als "werkelijk") ondernemer was geworden. Het hof heeft daarbij m.i. niet blijk gegeven van een onjuiste rechtsopvatting van het begrip ondernemer in het huwelijksvermogensrecht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/0d2ba16f0c8233706c06464fe7b64b54fd4be9c92ca0cbc5bfffdc4b74a73240. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 0d2ba16f0c8233706c06464fe7b64b54fd4be9c92ca0cbc5bfffdc4b74a73240, en de alinea staat in dat document op bytes 36069 tot 36786.