Citaat | Hoge Raad 11 januari 1995

Alinea 48 Hoge Raad 11 januari 1995

Een alinea uit Hoge Raad 11 januari 1995, ECLI:NL:HR:1995:AA3053.

2.4.In zijn eerste middel voert de belanghebbende hiervoor een andere reden aan, namelijk het ook voor het Hof aangevoerde argument dat hij in het verleden werknemer in de zin van de Verordening was geweest. Daarbij wordt betoogd dat de constatering van het Hof, dat tussen partijen kennelijk niet in geschil was dat de belanghebbende zijn werkzaamheden in loondienst voorgoed heeft gestaakt, geen steun vindt in de gedingstukken of het verhandelde ter zitting.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c242a050f088d52d9279bdce9c2cb66c0db758449948b1ec42a7f9fea4e5af5a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c242a050f088d52d9279bdce9c2cb66c0db758449948b1ec42a7f9fea4e5af5a, en de alinea staat in dat document op bytes 17450 tot 17924.