Citaat | Hoge Raad 8 maart 1995
Alinea 7 Hoge Raad 8 maart 1995
Een alinea uit Hoge Raad 8 maart 1995, ECLI:NL:HR:1995:AA3068.
3.3. Het Hof heeft voorts aan de omstandigheid dat belanghebbende heeft geweigerd ter vaststelling van de juistheid van de door hem geclaimde aftrek van tipgelden aan de Inspecteur inzage te geven in de originele uurstaten, gezien het bepaalde in artikel 29, lid 1, jo. artikel 47, lid 1, letter b, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, terecht de gevolgtrekking verbonden dat het beroep dient te worden afgewezen, tenzij belanghebbende overtuigend aantoont dat en in hoeverre de aanslag onjuist is. 's Hofs oordeel dat belanghebbende dit bewijs niet heeft geleverd kan als van feitelijke aard in cassatie niet op zijn juistheid worden getoetst. Middel 2, dat aanvoert dat het Hof ten onrechte iedere aftrek van tipgelden heeft geweigerd, faalt derhalve eveneens.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/5b072b87ee31c649a298a4d55b348387ca21d23f074506a150744a4ce8b1074b. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 5b072b87ee31c649a298a4d55b348387ca21d23f074506a150744a4ce8b1074b, en de alinea staat in dat document op bytes 8049 tot 8833.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/5b072b87ee31c649a298a4d55b348387ca21d23f074506a150744a4ce8b1074b | shasum -a 256