Citaat | Hoge Raad 15 maart 1995
Alinea 26 Hoge Raad 15 maart 1995
Een alinea uit Hoge Raad 15 maart 1995, ECLI:NL:HR:1995:AA3094.
3.2.2. De Inspecteur heeft voor het Hof gesteld: De handelingen - hiervóór in 3.1 weergegeven - vormen een samenhangend geheel, dat ertoe heeft geleid dat een deel van de reserves van [B] aan [A] ten goede is gekomen. Toepassing van het leerstuk van de wetsontduiking brengt mee dat dividendbelasting dient te worden geheven. Indien de uitkering wordt aangemerkt als een dividenduitkering van B aan A, dient ingevolge artikel 10, paragraaf 2, aanhef en sub 2, van het Verdrag met België van 19 oktober 1970, Trb.1970, nr. 192, het tarief te worden beperkt tot 15%. Het "tussenschuiven" van de Holdings en [E] N.V. miste reële praktische betekenis en diende slechts tot verijdeling van de heffing van dividendbelasting.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e022cceee9cee76cf1a4cbcd1f217f5d96905dfdd272686d4f304c95c2626c18. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e022cceee9cee76cf1a4cbcd1f217f5d96905dfdd272686d4f304c95c2626c18, en de alinea staat in dat document op bytes 10587 tot 11322.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e022cceee9cee76cf1a4cbcd1f217f5d96905dfdd272686d4f304c95c2626c18 | shasum -a 256