Citaat | Hoge Raad 4 oktober 1995

Alinea 3 Hoge Raad 4 oktober 1995

Een alinea uit Hoge Raad 4 oktober 1995, ECLI:NL:HR:1995:AA3107.

1. Geding voor het Hof Belanghebbende heeft een bij het Hof ingesteld beroep tegen een uitspraak van de Inspecteur betreffende een haar voor het jaar 1990 opgelegde aanslag in de inkomstenbelasting/premie volksverzekeringen ingetrokken omdat de Inspecteur haar inmiddels was tegemoetgekomen, bij welke intrekking zij tevens verzocht een afzonderlijke kostenveroordeling uit te spreken. Nadat de Inspecteur daartegen verweer had gevoerd en vervolgens van de zijde van belanghebbende bij brief van 15 augustus 1994 op dit verweer was gereageerd, heeft het Hof genoemd verzoek in zoverre toegewezen, dat de Staat der Nederlanden werd gelast aan belanghebbende een proceskostenvergoeding van ƒ 710,- te betalen. De uitspraak van het Hof is aan dit arrest gehecht.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3fe8bab5358c500948ebc579dcd38875ed96d99a33829bfbcd23f3771643086d. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3fe8bab5358c500948ebc579dcd38875ed96d99a33829bfbcd23f3771643086d, en de alinea staat in dat document op bytes 4463 tot 5237.