Citaat | Hoge Raad 29 november 1995

Alinea 33 Hoge Raad 29 november 1995

Een alinea uit Hoge Raad 29 november 1995, ECLI:NL:HR:1995:AA3156.

1. . Naar aanleiding van prejudiciële vragen, neergelegd in HR 13 oktober 1976, nr. 17.737, BNB 1976/248, betoogde de advocaat-generaal Warner in zijn conclusie voor Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen (HvJ EG) 5 mei 1977, zaak 102/76, Jurisprudentie van het HvJ EG 1977, blz. 815 (ik geef nadere vindplaatsen tussen haakjes aan):

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c30cb9e28961e1caeddea6a3e688f34628dc4d02ed50ed8fa69d4f4a808c45a6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c30cb9e28961e1caeddea6a3e688f34628dc4d02ed50ed8fa69d4f4a808c45a6, en de alinea staat in dat document op bytes 12458 tot 12814.