Citaat | Hoge Raad 1 november 1995
Alinea 13 Hoge Raad 1 november 1995
Een alinea uit Hoge Raad 1 november 1995, ECLI:NL:HR:1995:AA3173.
3.4. Uit het in artikel 41 van de Wet bepaalde, dat de winst uit aanmerkelijk belang wordt beschouwd te zijn genoten op het tijdstip waarop de aandelen zijn vervreemd, volgt dat die winst niet, ook niet voor een gedeelte, in een later jaar kan worden belast dan in het jaar waarin de aandelen zijn vervreemd. Anders dan waarvan het Hof is uitgegaan, brengt toepassing van deze bepaling in een geval als het onderhavige geen onaanvaardbaar gevolg met zich. Indien de bij de vervreemding bedongen prijs naderhand wordt gewijzigd bij een overeenkomst waarmee partijen beogen deze prijs nader vast te stellen op een hoger bedrag dan aanvankelijk was overeengekomen, kan de Inspecteur, binnen de daarvoor gestelde grenzen, het verschil bij wege van navordering alsnog in de heffing over het jaar van vervreemding betrekken. Indien een nadere overeenkomst ertoe strekt de aanvankelijk overeengekomen prijs te verminderen, brengt een redelijke wetstoepassing mee dat de belasting overeenkomstig artikel 60 van de Wet wordt verminderd als ware in het jaar waarin die overeenkomst wordt gesloten een verlies uit aanmerkelijk belang geleden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/de2e9ab4861aa55283c546ea1938dd66ab4309d44891bc7048297bdb4bf1894f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt de2e9ab4861aa55283c546ea1938dd66ab4309d44891bc7048297bdb4bf1894f, en de alinea staat in dat document op bytes 9807 tot 10952.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/de2e9ab4861aa55283c546ea1938dd66ab4309d44891bc7048297bdb4bf1894f | shasum -a 256