Citaat | Hoge Raad 18 oktober 1995

Alinea 69 Hoge Raad 18 oktober 1995

Een alinea uit Hoge Raad 18 oktober 1995, ECLI:NL:HR:1995:AA3174.

"(blz. 92) 14.1. (...) (blz. 93 (...) Achterwaartse compensatie van verlies van de combinatie met voorvoegingswinst van moeder en/of dochter(s) moet (...) in principe (...) mogelijk zijn. (...) (blz. 94) (...) 14.2. De op de verliescompensatie betrekking hebbende voorwaarden (blz. 102) (...) 14.2.3. (...) Maatschappijen aan wie het verlies van de combinatie over het eerste jaar na het verenigingstijdstip (...) geheel of gedeeltelijk is toegerekend, kunnen dit verlies (...) door middel van achterwaartse verliescompensatie in mindering brengen op hun winst van een aan het verenigingstijdstip voorafgaand jaar. Een verlies van de combinatie over het tweede jaar na het verenigingstijdstip wordt na toerekening van het verlies aan de onderdelen van de combinatie (...) via achterwaartse verliescompensatie verrekend met (...) de winst van de desbetreffende maatschappij over het tweede jaar voorafgaand aan het verenigingstijdstip (...)"

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/28ea507181159652d6c5809e258af7ba61626de774ef7e5ccc94824d8daa5625. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 28ea507181159652d6c5809e258af7ba61626de774ef7e5ccc94824d8daa5625, en de alinea staat in dat document op bytes 24321 tot 25274.