Citaat | Hoge Raad 6 januari 1995

Alinea 83 Hoge Raad 6 januari 1995

Een alinea uit Hoge Raad 6 januari 1995, ECLI:NL:HR:1995:ZC1602.

5.10 Daarbij verdient aantekening dat in dit geval niet louter de goede naam van [verweerder] in het geding is, maar tevens en zelfs in de eerste plaats diens - uit zijn algemene persoonlijkheidsrecht af te leiden - recht om niet, méér dan veertig jaar nadat hij voor het ombrengen van [betrokkene 1] werd veroordeeld, zijn straf ter zake had ondergaan en voor het overige gratie had gekregen, in het openbaar wederom met deze - op jeugdige leeftijd, onder oorlogsomstandigheden begane - daad te worden geconfronteerd, en dat nog wel in de vorm van de zowel grievende als onterende beschuldiging dat het daarbij, anders dan in het strafvonnis was aangenomen, ging om roofmoord .

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/7a88369e4743369b902bf7929682b0b22ca3245945840b2e4c5bcbcfa1ab7a34. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 7a88369e4743369b902bf7929682b0b22ca3245945840b2e4c5bcbcfa1ab7a34, en de alinea staat in dat document op bytes 31125 tot 31855.