Citaat | Hoge Raad 9 juni 1995

Alinea 49 Hoge Raad 9 juni 1995

Een alinea uit Hoge Raad 9 juni 1995, ECLI:NL:HR:1995:ZC1749.

In het licht hiervan falen de onderdelen 3, 4 en 5, eerste alinea, die er alle op neerkomen dat het Hof, anders dan dit uitgangspunt meebrengt, nader had moeten onderzoeken of een beroep op het niet vervuld zijn van het vereiste van betekening naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid aanvaardbaar moet worden geacht in verband met aard en omvang van het concrete belang van de Bank bij het inroepen van dit vereiste in samenhang met het concrete belang van degene in wiens opdracht de garantie is gesteld bij het inroepen van dit vereiste door de Bank.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/a86a52d55899da0f0fe7fe1da5f015297a78a106e39de45dbd34f90f7e38db42. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt a86a52d55899da0f0fe7fe1da5f015297a78a106e39de45dbd34f90f7e38db42, en de alinea staat in dat document op bytes 13458 tot 14031.