Citaat | Hoge Raad 15 september 1995
Alinea 49 Hoge Raad 15 september 1995
Een alinea uit Hoge Raad 15 september 1995, ECLI:NL:HR:1995:ZC1808.
In de tweede plaats heeft het Hof een natuurlijke verbintenis aanwezig geoordeeld met betrekking tot de betalingen van 1988. Dit oordeel heeft het Hof gegrond, kort samengevat, op de omstandigheden: dat de man de betalingen "uit vrije wil en welbewust" heeft verricht; dat hij, zoals hij het ter gelegenheid van de pleidooien uitdrukte, vond dat het zo hoorde; dat van de twee door de man gestelde andere motieven voor deze betalingen er toen één niet meer bestond en dat "wellicht" ook bij deze betalingen "reeds het vooruitzicht van een scheiding" een rol heeft gespeeld, nu volgens een opmerking van de man "de breuk in het huwelijk al jaren aanwezig" was.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/48e8f2e7fc4af9043b8943da3958c40076387837d056ca578170f5d8f5883803. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 48e8f2e7fc4af9043b8943da3958c40076387837d056ca578170f5d8f5883803, en de alinea staat in dat document op bytes 18493 tot 19167.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/48e8f2e7fc4af9043b8943da3958c40076387837d056ca578170f5d8f5883803 | shasum -a 256