Citaat | Hoge Raad 13 juni 1995
Alinea 25 Hoge Raad 13 juni 1995
Een alinea uit Hoge Raad 13 juni 1995, ECLI:NL:HR:1995:ZD0064.
Op 14 januari 1993 te 02.00 uur ben ik te [plaats] beroofd door drie personen. Toen ik bij (het hof begrijpt: de flat) [A] in de eerste lift wilde stappen, zag ik dat ik ineens werd ingesloten door drie personen. Ik zag dat één van die personen een mes bij zich had, dat hij liet zien. Ik voelde dat men mij richting de lift duwde en insloot. Ik voelde dat ik van een van die personen een trap tegen mijn been kreeg. Ik zag dat een van de mannen in de binnenzak van mijn jas ging met zijn hand en daar mijn portemonnaie vandaan pakte. Ik werd gedwongen hun mijn pincode te vertellen. Toen ik dit verteld had, is een van de mannen weggegaan naar de bank en ben ik door de andere twee vastgehouden. Na ongeveer 15 minuten kwam de andere man terug. Daarna zag ik dat de drie mannen waren verdwenen. Ik heb niemand toestemming gegeven om de goederen, die mij geheel in eigendom toebehoren, weg te nemen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/2cc26b92cb23d5ea11543decbc8675cb153b51dd502a8b2a80dd95be5be45b76. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 2cc26b92cb23d5ea11543decbc8675cb153b51dd502a8b2a80dd95be5be45b76, en de alinea staat in dat document op bytes 10002 tot 10916.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/2cc26b92cb23d5ea11543decbc8675cb153b51dd502a8b2a80dd95be5be45b76 | shasum -a 256