Citaat | Hoge Raad 19 december 1995

Alinea 82 Hoge Raad 19 december 1995

Een alinea uit Hoge Raad 19 december 1995, ECLI:NL:HR:1995:ZD0328.

9.4. Ook de in de toelichting op het middel vervatte klacht tegen de overweging van het Hof dat het ziekenhuis te Blaricum ‘’volledig’’ in kennis is gesteld van de in de beschikbaar gestelde kamer ondernomen activiteit mist feitelijke grondslag, nu het Hof onder het volledig inlichten kennelijk en niet onbegrijpelijk niet mede heeft begrepen het doen van nadere mededelingen omtrent de persoon om wie het daarbij ging. Voor toetsing van de plaatsing van de ‘’scanner’’ aan art. 139d Sr, zoals dit op dat moment luidde, bestaat — anders dan in de toelichting op het middel wordt betoogd — geen aanleiding, gelet op de hiervoor vermelde uitzondering, opgenomen in het toen geldende tweede lid van art. 139c Sr.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/43fd8d68eb0655b2130be283c0ddacc7c25f4dc020da86d860c9ec1396f355b7. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 43fd8d68eb0655b2130be283c0ddacc7c25f4dc020da86d860c9ec1396f355b7, en de alinea staat in dat document op bytes 41374 tot 42118.