Citaat | Hoge Raad 8 oktober 1996
Alinea 36 Hoge Raad 8 oktober 1996
Een alinea uit Hoge Raad 8 oktober 1996, ECLI:NL:HR:1996:2.
Op zaterdag 2 juli 1994 kregen wij van de meldkamer de opdracht te gaan naar camping Korfwater te Petten, in verband met een mishandeld dan wel overleden manspersoon. Wij kwamen aldaar die dag om 06.23 uur aan. Wij begaven ons naar de plaats van het gebeurde. Aldaar troffen wij een ambulance en dokter [betrokkene 5] , die de dood van het slachtoffer had geconstateerd. Wij zagen het slachtoffer tegen de bij de grote tent geplaatste windschermen liggen. Wij zagen dat het slachtoffer op de borst twee wonden had. Wij zagen dat bij deze wonden gestold bloed zat. Wij zagen dat het hemd van het slachtoffer doordrenkt was van bloed. Wij zagen dat voor de grote tent enkele stoelen stonden. Eén daarvan vertoonde bloedvlekken op de zitting. Wij zagen dat onder die stoel, in het gras, ook bloed lag. Wij zagen dat het genoemde windscherm was omgevallen of – gezakt.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1ebe0d6d0616395e1a05b041ea71487b0f09fcc38c7ba3e779f8a1850538282a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1ebe0d6d0616395e1a05b041ea71487b0f09fcc38c7ba3e779f8a1850538282a, en de alinea staat in dat document op bytes 11276 tot 12157.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/1ebe0d6d0616395e1a05b041ea71487b0f09fcc38c7ba3e779f8a1850538282a | shasum -a 256