Citaat | Hoge Raad 12 juni 1996
Alinea 7 Hoge Raad 12 juni 1996
Een alinea uit Hoge Raad 12 juni 1996, ECLI:NL:HR:1996:AA2008.
3.2. Belanghebbende heeft vorenvermeld bedrag aan premie volksverzekeringen bestreden, primair, op grond dat de in artikel 4 van de Uitvoeringsregeling voorgeschreven tijdsevenredige afleiding van het premie-inkomen meebrengt dat het in aanmerking te nemen premie-inkomen in gevallen als het onderhavige niet hoger kan zijn dan een tijdsevenredig gedeelte van het normaliter als maximum te hanteren premie-inkomen (in 1990: ƒ 42.123,--), subsidiair, op grond dat artikel 4, lid 1, van de Uitvoeringsregeling in strijd is met artikel 10, lid 6, van de Wet, meer subsidiair, op grond dat artikel 4, lid 1, van de Uitvoeringsregeling in strijd is met artikel 48 van het Verdrag tot oprichting van de Europese Economische Gemeenschap (hierna: het EEG-verdrag) en, meest subsidiair, op grond dat artikel 4, lid 1, van de Uitvoeringsregeling in strijd is met artikel 14 EVRM jo. artikel 1 van het Eerste Protocol bij dat verdrag.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/47613b4e79b41d5336818059f4d7633f39ea4083ad78a722d60fa7f936ae7f83. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 47613b4e79b41d5336818059f4d7633f39ea4083ad78a722d60fa7f936ae7f83, en de alinea staat in dat document op bytes 6481 tot 7421.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/47613b4e79b41d5336818059f4d7633f39ea4083ad78a722d60fa7f936ae7f83 | shasum -a 256