Citaat | Hoge Raad 8 juli 1996
Alinea 8 Hoge Raad 8 juli 1996
Een alinea uit Hoge Raad 8 juli 1996, ECLI:NL:HR:1996:AA2035.
3.3. Indien de uitoefening van een onderneming noodzakelijkerwijze leidt tot kosten die worden opgeroepen door de productie in enig jaar van de in de onderneming voortgebrachte zaken, doch pas in een volgend jaar tot een uitgaaf leiden - zoals zich, naar in 's Hofs uitspraak ligt besloten, in het onderhavige geval voordoet met betrekking tot voormeld bedrag van ƒ 8.125,-- - handelt een belastingplichtige niet in strijd met goed koopmansgebruik door die kosten toe te rekenen aan de productie van bedoelde zaken, en zonodig daartoe in de eindbalans van het desbetreffende jaar tot het bedrag van die kosten een voorziening op te nemen. Het middel kan derhalve niet tot cassatie leiden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f8a148e4ac0fdfaa6198d909c357234a4bffd6cab9ad9ec3d4aefebe351fccf4. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f8a148e4ac0fdfaa6198d909c357234a4bffd6cab9ad9ec3d4aefebe351fccf4, en de alinea staat in dat document op bytes 8090 tot 8793.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f8a148e4ac0fdfaa6198d909c357234a4bffd6cab9ad9ec3d4aefebe351fccf4 | shasum -a 256