Citaat | Hoge Raad 7 mei 1996
Alinea 72 Hoge Raad 7 mei 1996
Een alinea uit Hoge Raad 7 mei 1996, ECLI:NL:HR:1996:AB9820.
Zij heeft aan dit verzoek ten grondslag gelegd - kort samengevat - dat de opsporing, aanhouding en het onderzoek geheel of in zeer belangrijke mate gebaseerd is geweest op herkenningen door getuigen/ aangevers uit deze fotoboeken. Nu de fotoboeken in het onderzoek ter beschikking hebben gestaan aan de opsporende en vervolgende instanties, en bij dat onderzoek een uiterst belangrijke rol hebben gespeeld, moeten deze - aldus nog steeds de raadsvrouw - zonder meer als processtukken worden beschouwd waarvan de kennisneming op grond van art. 33 Sv aan de verdachte niet mag worden onthouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e71ea28b0b9d14b5073f26a8db679e015adbae646b5b36420dacdfaf88fbdcf1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e71ea28b0b9d14b5073f26a8db679e015adbae646b5b36420dacdfaf88fbdcf1, en de alinea staat in dat document op bytes 22392 tot 22997.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e71ea28b0b9d14b5073f26a8db679e015adbae646b5b36420dacdfaf88fbdcf1 | shasum -a 256