Citaat | Hoge Raad 7 mei 1996
Alinea 89 Hoge Raad 7 mei 1996
Een alinea uit Hoge Raad 7 mei 1996, ECLI:NL:HR:1996:AB9820.
Aan deze overweging laat het hof het oordeel voorafgaan dat de litigieuze fotoboeken, anders dan de raadsvrouwe stelt, geen processtukken zijn in de zin van de wet. Die boeken dienen te worden aangemerkt als opsporingsmiddel op basis waarvan processtukken -zoals in een proces-verbaal neergelegde verklaringen van getuigen en afschriften van foto's van de verdachte die tot de herkenning hebben geleid- tot stand komen. Derhalve kan de verdediging geen recht doen gelden op afschriften van dat fotomateriaal. Het hof merkt daarbij nog op dat de raadsvrouwe ter terechtzitting -met het hof- de gelegenheid heeft gehad de samenstelling van de fotoboeken te controleren, doch zulks geweigerd heeft.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e71ea28b0b9d14b5073f26a8db679e015adbae646b5b36420dacdfaf88fbdcf1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e71ea28b0b9d14b5073f26a8db679e015adbae646b5b36420dacdfaf88fbdcf1, en de alinea staat in dat document op bytes 27289 tot 27997.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e71ea28b0b9d14b5073f26a8db679e015adbae646b5b36420dacdfaf88fbdcf1 | shasum -a 256