Citaat | Hoge Raad 15 maart 1996
Alinea 29 Hoge Raad 15 maart 1996
Een alinea uit Hoge Raad 15 maart 1996, ECLI:NL:HR:1996:ZC2013.
3.1 Inzet van dit geding is de vraag of het door 't Plenkske op 24 december 1990 aan [eiser] op staande voet gegeven ontslag rechtsgeldig was. De Kantonrechter heeft deze vraag ontkennend beantwoord. 't Plenkske heeft bij dagvaarding van 30 oktober 1992 hoger beroep ingesteld en daarin op 18 november 1993 van grieven gediend. [eiser] heeft, ook na daartoe een laatste uitstel te hebben verkregen, geen memorie van antwoord genomen, waarna hem het recht daartoe is ontnomen. [eiser] heeft daarop pleidooi gevraagd. Hij stelt dat ter rolle van 10 maart 1994 pleidooi is bepaald op 10 mei 1994 10.00 uur. De Rechtbank heeft bij vonnis van 10 mei 1994 evenwel vastgesteld dat de zaak ter beslissing op het verzoek van [eiser] was verwezen naar de kamer die dit vonnis heeft gewezen; bij dit vonnis heeft de Rechtbank besloten partijen niet tot de pleidooien toe te laten omdat, nu [eiser] niet voor antwoord had geconcludeerd, niet was voldaan aan de voorwaarde die haars inziens is neergelegd in het óók in hoger beroep toepasselijke artikel 144 Rv., te weten dat partijen slechts tot de pleidooien mogen worden toegelaten na "het wisselen der conclusiën".
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/3471a6ec90bd4209350eb330d23ca316fdb4bb060ae50deeb852b54ed49f5a5c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 3471a6ec90bd4209350eb330d23ca316fdb4bb060ae50deeb852b54ed49f5a5c, en de alinea staat in dat document op bytes 7997 tot 9168.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/3471a6ec90bd4209350eb330d23ca316fdb4bb060ae50deeb852b54ed49f5a5c | shasum -a 256