Citaat | Hoge Raad 9 januari 1996
Alinea 39 Hoge Raad 9 januari 1996
Een alinea uit Hoge Raad 9 januari 1996, ECLI:NL:HR:1996:ZD0345.
Deze vraag moet ontkennend worden beantwoord. Daarbij kan te dezen in het midden blijven of en onder welke omstandigheden voor een zodanige ‘’omgekeerde’’ doorbraak van aansprakelijkheid steun in het recht is te vinden. Immers, bij de — nog recente — totstandkoming van de Wet van 10 december 1992, Stb. 1993, 11, waarbij de mogelijkheden tot toepassing van de maatregel van ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel en andere vermogenssancties zijn verruimd, heeft de wetgever in de art. 94a en 94b Sv de mogelijkheden en formaliteiten voor beslag op de daar genoemde zaken en vermogensrechten aangegeven, terwijl hij met de actio Pauliana van art. 94d Sv voor het openbaar ministerie een extra instrument heeft gecreëerd tot bewaring van het recht tot verhaal op aan een verdachte toebehorende voorwerpen. Andere, verder strekkende mogelijkheden en instrumenten zijn door de wetgever niet, ook niet in het parlementaire debat, onder ogen gezien. In het licht van de ingevolge art. 1 Sv geboden restrictieve interpretatie van de voorschriften inzake de toepassing van dwangmiddelen kan daarom niet worden aanvaard dat het conservatoire beslag van art. 94a Sv een ruimere toepassing zou krijgen dan in het Wetboek van Strafvordering is voorzien.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/8cb07b8aad5ebddf984ab887a6f397ace88cb30d5ba5bf1c7e08b22d3b43aa5c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 8cb07b8aad5ebddf984ab887a6f397ace88cb30d5ba5bf1c7e08b22d3b43aa5c, en de alinea staat in dat document op bytes 16459 tot 17738.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/8cb07b8aad5ebddf984ab887a6f397ace88cb30d5ba5bf1c7e08b22d3b43aa5c | shasum -a 256