Citaat | Hoge Raad 29 oktober 1997

Alinea 8 Hoge Raad 29 oktober 1997

Een alinea uit Hoge Raad 29 oktober 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA2145.

3.4. Met betrekking tot het door belanghebbende voorgestelde middel: Middelonderdeel I betoogt dat het oordeel van het Hof dat in het geval van de zogenoemde carrousel- dan wel Tv-transacties sprake is van raus legis, rechtens onjuist, althans onvoldoende gemotiveerd is, en voert daartoe onder meer aan: dat bij die transacties belanghebbende geen omzetbelastingvoordeel heeft genoten daar zij slechts de haar in rekening gebrachte omzetbelasting, die zij daadwerkelijk aan G B.V. heeft voldaan, in aftrek heeft gebracht; dat het in aftrek brengen van omzetbelasting die daadwerkelijk aan de contractspartij wordt betaald, geen belasting voordeel oplevert; dat het uitvoeren van een verkoop transactie waarbij met toepassing van het nultarief wordt geleverd niet leidt tot betaling en voldoening van enig bedrag aan omzetbelasting; dat het terugkopen door belanghebbende van goederen tegen een lagere prijs dan de prijs waartegen de goederen door belang hebbende werden verkocht, geen belastingvoordeel doch een handelsvoordeel is. Het middelonderdeel is gegrond. Het Hof heeft geoordeeld dat belanghebbende een belastingvoordeel heeft verkregen, dat erin bestaat dat belanghebbende zich ter zake van de levering van goederen door G B.V. een omzetbelastingaftrekrecht verwierf zonder ter zake van de levering van diezelfde goederen aan G B.V. omzetbelasting in rekening te hebben gebracht. Dit oordeel is onbegrijpelijk. Het gaat ervan uit dat sprake is van een levering door belanghebbende aan G B.V. en vervolgens van een levering (van dezelfde goederen) door G B.V. aan belanghebbende. Het is kennelijk niet in geschil dat op de leveringen van belanghebbende aan G B.V. het nultarief van toepassing is, zodat door het niet in rekening brengen van om zetbelasting door belanghebbende geen omzetbelasting voordeel kon ontstaan. Het door belanghebbende ver werven van het omzetbelastingaftrekrecht houdt geen verband met het toepassen van bedoeld nultarief, doch alleen met het in rekening gebracht krijgen en het voldaan hebben van de omzetbelasting die G B.V. ter zake van de leveringen aan belanghebbende verschuldigd is geworden. Ook door deze betaling van omzetbelasting aan G B.V. gevolgd door de aftrek van die belasting is geen omzetbelastingvoordeel ontstaan. Nu ook overigens niet van een omzetbelastingvoordeel blijkt, is van een belastingbesparing geen sprake. Uit het vorenoverwogene volgt dat 's Hofs uit spraak niet in stand kan blijven. Het middel behoeft voor het overige geen behandeling. De Hoge Raad kan zelf de zaak afdoen.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d0fc56d2ddbb4d33393e173ebe1d19f93a50c027a408dbdbcef15e4f2aacf893. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d0fc56d2ddbb4d33393e173ebe1d19f93a50c027a408dbdbcef15e4f2aacf893, en de alinea staat in dat document op bytes 13638 tot 16197.