Citaat | Hoge Raad 23 april 1997

Alinea 9 Hoge Raad 23 april 1997

Een alinea uit Hoge Raad 23 april 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA2154.

3.2.3.3. Voorzover die oordelen betrekking hebben op de kosten van de werkzaamheden van de directeur B, getuigen die oordelen van een onjuiste rechtsopvatting en zijn zij overigens voor een deel onbegrijpelijk. Het staat vast dat B zowel bij belanghebbende als bij D B.V. als directeur in dienstbetrekking was en dat de werkelijke aan die dienstbetrekking verbonden kosten - die door belanghebbende in eerste instantie zijn betaald - volgens een tevoren vaststaande verdeelsleutel, te weten bij helfte, werden verdeeld, waarbij beide vennootschappen het risico van die kosten, bijvoorbeeld in geval van ziekte van B, droegen. 's Hoofs overweging in 5.6 van zijn uitspraak dat belanghebbende tegenover de gemotiveerde betwisting van de Inspecteur onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het te dezen slechts om doorberekening van uitbetaalde lonen gaat, is onbegrijpelijk voor wat betreft de kosten ter zake van directie en administratief personeel, nu de Inspecteur in zijn vertoogschrift heeft gesteld dat die kosten zonder winstopslag worden doorberekend, terwijl uit de stukken van het geding en 's Hofs uitspraak niet blijkt dat de Inspecteur van dat standpunt is teruggekomen. 3.2.3.4. Voor wat betreft de kosten van de werkzaamheden van het administratief personeel heeft belanghebbende in haar beroepschrift voor het Hof gesteld dat 50% van de werkelijke personeelskosten van haar administratief personeel (en van haar directie) werden doorberekend aan D B.V. De Inspecteur heeft zulks niet weersproken doch heeft in zijn pleitnota voor het Hof met betrekking tot de kosten van de werkzaamheden van een met name genoemde werknemer gesteld dat minimaal contractueel dient te zijn vastgelegd dat de partijen de kosten in een bepaalde en van de omstandigheden onafhankelijke verhouding dragen, terwijl hij kennelijk heeft beoogd te betogen dat met betrekking tot de werkzaamheden van het overige administratief personeel in het geheel geen afspraken zijn gemaakt. 's Hofs oordeel met betrekking tot de kosten van de werkzaamheden van het administratief personeel, volgens hetwelk belanghebbende onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat het te dezen slechts gaat om doorberekening van uitbetaalde lonen, is, zoals hiervóór in 3.2.3.3 opgemerkt, onbegrijpelijk. In cassatie moet ervan worden uitgegaan dat de kosten voor het werkelijke bedrag en tot een hoogte van 50% van dat bedrag aan D B.V. werden doorberekend. Onderzocht dient te worden of die doorberekening tot genoemd percentage berustte op een tevoren vaststaande verdeelsleutel, en of het risico van die kosten belanghebbende en D B.V. volgens die verdeelsleutel aangaat.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf189ad20eca2f60137b6c31fe44298a172800bf4ebe565be9205f3333953cbf. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf189ad20eca2f60137b6c31fe44298a172800bf4ebe565be9205f3333953cbf, en de alinea staat in dat document op bytes 8338 tot 10991.