Citaat | Hoge Raad 18 juni 1997
Alinea 14 Hoge Raad 18 juni 1997
Een alinea uit Hoge Raad 18 juni 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA2164.
3.5. Daargelaten of ervan moet worden uitgegaan, zoals het middel betoogt, dat het bij de verkoop gerealiseerde voordeel niet kan worden aangemerkt als een uitdeling in de zin van artikel 13, lid 2, van de Wet, kan het middel niet tot cassatie leiden, aangezien in het onderhavige geval sprake is van een voordeel dat is ontstaan in een tijdvak waarin er weliswaar sprake was van een deelnemingsverhouding, maar waarin, overeenkomstig hetgeen de Hoge Raad heeft beslist in zijn arrest van 4 december 1996, Vakstudie Nieuws 1996, blz. 4933, de deelnemingsvrijstelling niet van toepassing is, aangezien B B.V. in dat tijdvak een beleggingsinstelling was.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/6cc16a13f4805829b87371551de7225dbf90d2838b31f2b898d627e8149fdef1. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 6cc16a13f4805829b87371551de7225dbf90d2838b31f2b898d627e8149fdef1, en de alinea staat in dat document op bytes 9389 tot 10055.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/6cc16a13f4805829b87371551de7225dbf90d2838b31f2b898d627e8149fdef1 | shasum -a 256