Citaat | Hoge Raad 25 juni 1997
Alinea 71 Hoge Raad 25 juni 1997
Een alinea uit Hoge Raad 25 juni 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA2188.
"(blz. 2) (...) dat de vervreemding van het schip aan de sloper niet onder normale omstandigheden tot stand komt. (...) Onder deze omstandigheden gaat het niet aan de obligatoire overeenkomst, waarbij het schip aan de sloper wordt geleverd, los te zien van het geheel van rechtshandelingen en rechtsfeiten waarbij de minister van Verkeer en Waterstaat (...) aan het nakomen van alle verplichtingen een contraprestatie verbindt in de vorm van een sloopuitkering. Er bestaat naar mijn mening alle reden om (...) de economische werkelijkheid te doen prevaleren boven de juridische vormgeving (...) Er bestaat dan ook een onlosmakelijk verband tussen de in vrijheid genomen beslissing om tot vernietiging van het kapitaalgoed over te (doen) gaan en de compensatie die daar van overheidswege tegenover staat. (...) De nog niet verbruikte werkeenheden van het schip zijn in wezen (...) aan de minister van Verkeer en Waterstaat over (blz. 3) gedragen (...) en de binnenschipper ontvangt daarvoor, zoals ook bij een normale verkoop het geval zou zijn geweest, een tegenprestatie. Die tegenprestatie (...) knoopt aan bij de tonnage en dus indirect bij de markt waarde van het schip. (...)"
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/543e66df4471f91b8825fcd2bb564427d14e1f3242e63002c10e848dcf7c323c. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 543e66df4471f91b8825fcd2bb564427d14e1f3242e63002c10e848dcf7c323c, en de alinea staat in dat document op bytes 27355 tot 28550.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/543e66df4471f91b8825fcd2bb564427d14e1f3242e63002c10e848dcf7c323c | shasum -a 256