Citaat | Hoge Raad 25 juni 1997

Alinea 54 Hoge Raad 25 juni 1997

Een alinea uit Hoge Raad 25 juni 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA2207.

"(blz. 3) (...) 6.2 (...) In het onderhavige geval diende de betalinsonmacht te zijn ge- (blz. 4) meld uiterlijk op 15 augustus 1988. (...) 6.3.3 Op grond van de getuigenverklaring van Teske, die het Hof geloofwaardig acht, komt het tot de conclusie dat belanghebbende (...) niet (...) een (tijdige) melding van betalingsonmacht heeft gedaan (...) (blz. 5) 6.4.1 (...) ingevolge artikel 32a, derde lid, van de Wet (...) 6.4.2 (...) wordt belanghebbende toegelaten tot weerlegging (...) indien hij aannemelijk maakt dat de niet-melding van de betalingsonmacht van de BV niet aan zijn schuld is te wijten. 6.4.3 Naar 's Hofs oordeel heeft belanghebbende (...) zulks (...) niet aannemelijk gemaakt. (...)"

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e94ec6279753209fef0c810f6db374ad065c567cbbae6348845ff8dea0f32fb3. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e94ec6279753209fef0c810f6db374ad065c567cbbae6348845ff8dea0f32fb3, en de alinea staat in dat document op bytes 26229 tot 26945.