Citaat | Hoge Raad 29 augustus 1997

Alinea 120 Hoge Raad 29 augustus 1997

Een alinea uit Hoge Raad 29 augustus 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA2249.

"(blz. 3) (...) In zijn oordeel is het Gerechtshof geheel voorbij gegaan aan de standpunten waarop [de belanghebbende] zich in haar beroep heeft gesteld. [De belanghebbende] heeft (...) gesteld, dat: - (...) - (...) - de zekerheidstelling door [de belanghebbende] gelijk is te stellen aan een directe financiering aan B B.V. Het karakter van de zekerheidstelling in financieel-economische zin is niets anders dan een bijzondere vorm van financiering; - (...) - (...) - aldus [de belanghebbende] terzake van de kredietverlening heeft gehandeld als een normale geldverstrekker en de zekerheidsstelling niet afwijkt van de handelwijze van een zakelijke financierder, zodat de zekerheidstelling door [de belanghebbende] niet is verricht in haar kwaliteit van aandeelhouder; (...) (blz. 4) (...) de kwalificatie van het handelen van [de belanghebbende] moet worden beoordeeld op het moment van het afsluiten van de kredietovereenkomst. (...) Op dat moment hadden zowel [de belanghebbende] als A BA positieve verwachtingen van de samenwerking en van de resultaten die in de toekomst behaald zouden worden door de op te richten gezamenlijke dochter (...) Een derde zou deze overeenkomst op zakelijke gronden ook hebben willen aangaan. (...)"

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff04b67d086b21781e1d3f2f60a698ed80f0ffae477043730363636c7560f52a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff04b67d086b21781e1d3f2f60a698ed80f0ffae477043730363636c7560f52a, en de alinea staat in dat document op bytes 50706 tot 51954.