Citaat | Hoge Raad 29 augustus 1997
Alinea 8 Hoge Raad 29 augustus 1997
Een alinea uit Hoge Raad 29 augustus 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA2249.
3.4. 's Hofs oordeel dat belanghebbende zich in haar kwaliteit van toekomstig aandeelhouder voor schulden van B B.V. in oprichting aansprakelijk heeft gesteld en na de oprichting als aandeelhouder aansprakelijk bleef voor schulden van de B.V., geeft geen blijk van een onjuiste rechtsopvatting en kan, als verweven met oordelen van feitelijke aard, in cassatie voor het overige niet op zijn juistheid worden getoetst; het is niet onbegrijpelijk en behoefde geen nadere motivering dan door het Hof is gegeven. Anders dan het middel aanvoert, staat de omstandigheid dat de hoofdelijke aansprakelijkheid werd aanvaard met het oog op de financiering van de B.V. aan dat oordeel niet in de weg. Het middel kan derhalve niet tot cassatie lei den.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/ff04b67d086b21781e1d3f2f60a698ed80f0ffae477043730363636c7560f52a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt ff04b67d086b21781e1d3f2f60a698ed80f0ffae477043730363636c7560f52a, en de alinea staat in dat document op bytes 8538 tot 9292.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/ff04b67d086b21781e1d3f2f60a698ed80f0ffae477043730363636c7560f52a | shasum -a 256