Citaat | Hoge Raad 8 januari 1997
Alinea 5 Hoge Raad 8 januari 1997
Een alinea uit Hoge Raad 8 januari 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA3187.
3. Beoordeling van het middel 3.1. In cassatie kan ervan worden uitgegaan dat belanghebbende op 23 februari 1994 een auto heeft geparkeerd op een plaats waar zij ingevolge de Verordening Parkeerbelastingen Purmerend 1993 parkeerbelasting verschuldigd was. Naar het oordeel van het Hof heeft belanghebbende aannemelijk gemaakt dat zij de in artikel 1, aanhef en onderdeel a van die Verordening bedoelde belasting heeft voldaan. 3.2. De Chef bestrijdt dit oordeel, maar tevergeefs, want het kan als van feitelijke aard in cassatie niet op zijn juistheid worden onderzocht. De klacht dat het Hof onvoldoende waarde heeft gehecht aan het door de Chef overgelegde op ambtsbelofte opgemaakte proces-verbaal van de parkeercontroleur miskent dat de keuze en waardering van de bewijsmiddelen aan het Hof is voorbehouden.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/e600ee6eaf74b2b5fbc6bb94000db2020c121a20162a3de85a76c11f740a90e6. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt e600ee6eaf74b2b5fbc6bb94000db2020c121a20162a3de85a76c11f740a90e6, en de alinea staat in dat document op bytes 5791 tot 6616.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/e600ee6eaf74b2b5fbc6bb94000db2020c121a20162a3de85a76c11f740a90e6 | shasum -a 256