Citaat | Hoge Raad 7 mei 1997

Alinea 7 Hoge Raad 7 mei 1997

Een alinea uit Hoge Raad 7 mei 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA3233.

3.3. Indien een belastingplichtige in beroep een aanslag op een bepaald punt bestrijdt staat het de inspecteur vrij andere elementen van de aanslag aan de orde te stellen en op grond daarvan het standpunt in te nemen dat de aanslag, hoewel mogelijk op het bestreden punt onjuist, toch niet te hoog is vastgesteld. Hij moet daarbij wel rekening houden met de processuele belangen van de belastingplichtige. Kennelijk heeft het Hof geoordeeld dat belanghebbende niet in haar processuele positie is geschaad door het opwerpen door de Inspecteur van een nieuw geschilpunt tijdens de mondelinge behandeling. Dit oordeel is, in aanmerking genomen dat dit geschilpunt blijkens het onder 4 van zijn uitspraak door het Hof vermelde een correctie van eenvoudige aard betrof die al over eerdere jaren was toegepast waarop door belanghebbende - volgens mededeling van belanghebbendes gemachtigde ter zitting van het Hof - niet was gereageerd, niet onbegrijpelijk en niet ontoereikend gemotiveerd. De vaststelling van hetgeen ter zitting is voorgevallen is voorbehouden aan het Hof. 3.4. Uit het vorenstaande volgt dat de klachten niet tot cassatie kunnen leiden.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/1a7dcb2fc99ed3c26005f88c3b3ea2fb268efa53984c77f61f2c4b15f8b8897f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 1a7dcb2fc99ed3c26005f88c3b3ea2fb268efa53984c77f61f2c4b15f8b8897f, en de alinea staat in dat document op bytes 6437 tot 7601.