Citaat | Hoge Raad 1 oktober 1997

Alinea 39 Hoge Raad 1 oktober 1997

Een alinea uit Hoge Raad 1 oktober 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA3283.

"(blz. 770, van regel 30 af) 5.1. (...) Hangende de procedure met betrekking tot de aan erflater opgelegde aanslagen (...) heeft (...) de Ontvanger uitstel van betaling (...) verleend, waarbij aan erflater is meegedeeld dat over de niet betaalde bedragen de wettelijke rente verschuldigd was. Tevens werd daarbij vermeld dat elke betaling eerst zou worden aangewend voor de voldoening van eventueel verschuldigde kosten en van de interest. (...) 5.2. (...) Voorts dient ervan te worden uitgegaan dat in het algemeen betaling van een geldsom _ afgezien van de kosten _ in de eerste plaats strekt in mindering op de verschenen rente en daarna in mindering van de hoofdsom en de lopende rente. Deze algemene regel is tot uitdrukking gebracht in de artikelen 1433 van het Burgerlijk Wetboek en 6.1.6.14, lid 1, van het nieuwe Burgerlijk Wetboek . Daarmede is in overeenstemming de in 5.1 weergegeven passage in de mededeling van de Ontvanger waarbij het uitstel werd verleend. (blz. 771, regels 7-11) 5.4. Nu de erflater de bedragen van de aanslagen en de rente verschuldigd was, hij bevoegd was het verschuldigde te betalen en hij bevoegd was het betaalde te doen strekken tot voldoening van de rente, heeft het Hof (...) terecht de meervermelde betalingen die de erflater aan de Ontvanger had gedaan, aangemerkt als betalingen van rente van schulden (...)"

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f993194949792491eb281228cd1cf11bdd550fede3edb11348c3b60f12bf4d06. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f993194949792491eb281228cd1cf11bdd550fede3edb11348c3b60f12bf4d06, en de alinea staat in dat document op bytes 14765 tot 16133.