Citaat | Hoge Raad 24 december 1997

Alinea 5 Hoge Raad 24 december 1997

Een alinea uit Hoge Raad 24 december 1997, ECLI:NL:HR:1997:AA3331.

3. Beoordeling van het middel 3.1. In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan. Belanghebbendes kinderen zijn in ernstige mate verstandelijk en lichamelijk gehandicapt. De kinderen zwemmen, onder begeleiding, in het kader van door de behandelende revalidatiearts voorgeschreven hydrotherapie ter verbetering van hun lopen, twee keer per week in tot 32 graden verwarmd water, gezamenlijk met andere gehandicapten. 3.2. Onder deze omstandigheden vormen de uitgaven voor het zwemmen kosten van medische (re)validatie, ook al vond het zwemmen plaats onder begeleiding van niet- medisch geschoolde vrijwilligers, zodat het Hof deze uitgaven terecht heeft aangemerkt als uitgaven voor geneeskundige hulp in de zin van art. 46, lid 3, van de Wet op de inkomstenbelasting 1964. 3.3. De datum van 's Hofs uitspraak , 19 maart 1997, is niet in overeenstemming te brengen met de aantekening van de griffier van het Hof op de aan partijen gezonden afschriften dat verzending plaatsvond op 14 maart 1997. De Hoge Raad gaat hieraan met toepassing van artikel 6:22 in verbinding met artikel 6:24 van de Algemene wet bestuursrecht voorbij.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/c71e83fdc8beea11f5e79c1d61a7c484434b264af83f75edb7450d73e7766301. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt c71e83fdc8beea11f5e79c1d61a7c484434b264af83f75edb7450d73e7766301, en de alinea staat in dat document op bytes 4935 tot 6078.