Citaat | Hoge Raad 21 februari 1997
Alinea 50 Hoge Raad 21 februari 1997
Een alinea uit Hoge Raad 21 februari 1997, ECLI:NL:HR:1997:ZC2286.
3.9 Voorts is tegen toewijzing van een vordering tot vergoeding van kosten van verzorging en opvoeding van het kind als bezwaar naar voren gebracht dat die toewijzing ertoe kan leiden dat het kind op latere leeftijd op kwetsende wijze wordt geconfronteerd met de indruk dat het door zijn ouders niet werd gewenst, waarvan het kind psychische schade zou kunnen ondervinden. Ook dit bezwaar komt de Hoge Raad niet overtuigend voor. In de eerste plaats begeeft het zich in de tussen de ouders en het kind bestaande verhouding op een punt dat in beginsel aan de zienswijze van de ouders zelf dient te worden overgelaten. In de tweede plaats is het voorkomen van vooralsnog anonieme gezinsuitbreiding iets van geheel andere orde dan het niet wensen of aanvaarden van het kind als het eenmaal zijn individuele menselijke identiteit heeft verkregen. De aanspraak ter zake van voormelde kosten houdt uitsluitend verband met het eerste, niet met het tweede. Die kosten hebben derhalve met het gewenst zijn van het kind als mens niet van doen. In de derde plaats mag ervan worden uitgegaan dat ouders in het algemeen in staat zijn om aan het kind duidelijk te maken dat een indruk als voormeld onjuist is, nog daargelaten dat zij zelf die indruk kunnen logenstraffen door het kind met liefde en zorg groot te brengen.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/da9c854f43cd6082e9a678ae77c669c832040b074869ae9cb9b9164893401f6e. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt da9c854f43cd6082e9a678ae77c669c832040b074869ae9cb9b9164893401f6e, en de alinea staat in dat document op bytes 19424 tot 20745.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/da9c854f43cd6082e9a678ae77c669c832040b074869ae9cb9b9164893401f6e | shasum -a 256