Citaat | Hoge Raad 29 april 1997

Alinea 147 Hoge Raad 29 april 1997

Een alinea uit Hoge Raad 29 april 1997, ECLI:NL:HR:1997:ZD0146.

Ik ben ongeveer anderhalf jaar geleden meegeweest om met een zeilboot een partij hash op te gaan halen in het Caribisch gebied en wel van het eiland Antigua. Ik ben in die tijd benaderd door [betrokkene 4] . Ik zou voor hem met nog twee anderen een boot overvaren met daarin een partij hash. Ik ben daarvoor op kosten van [betrokkene 4] naar Antigua gevlogen, samen met [betrokkene 6] en een Engelsman, die ik alleen van voornaam ken. Dat was [betrokkene 13] . Ik weet niet meer precies wanneer het was, maar dat kunnen jullie in mijn paspoort zien, want daar staan de stempels van Antigua in. Mij was beloofd, dat "ik wel goed zou zitten" als wij terug waren. Er was dus niet over een geldbedrag gesproken, maar ik ging er van uit dat het wel goed zou komen. Toen wij met drieën op Antigua waren, is [betrokkene 4] een dag geweest. Hij kwam vertellen, dat de boot ergens anders naar toe moest. Daarna hebben wij hem niet meer gezien. Op dat moment was er gebrek aan geld. In de eerste week zaten wij in een hotel en in de tweede week, op de boot. Ondertussen had ik zo mijn twijfels gekregen over die boot. Het betrof een zeiljacht, dat mij niet geschikt leek voor een oversteek over de oceaan. Ik heb dan ook dat ding uit het water laten halen en ik heb het laten bekijken door een expert. Ik kreeg toen een rapport van hem waarin stond, dat de boot afgekeurd werd. Hij was niet zeewaardig. Ik had er toen mijn buik van vol. Ook [betrokkene 4] kwam niet meer opdagen. Wij hebben toen besloten terug te gaan naar huis. Voor de oversteek heb ik daar een rubberboot verkocht voor 1000 dollar. Van dat geld zijn wij terug naar huis gevlogen. Dat was op verschillende dagen, omdat ik niet direct die 1000 dollar kreeg. Ik kreeg iedere dag wat en zo konden wij om de beurt naar huis vliegen. Toen ik eenmaal thuis kwam, bleek [betrokkene 4] er niet te zijn. Hij wilde met een andere boot hetzelfde weer doen. Ik heb ondertussen wel begrepen, dat [betrokkene 6] en [betrokkene 13] met nog iemand anders, weer wel met [betrokkene 4] in zee zijn gegaan. Willem Rippens is een goede kennis van mij. Ik begrijp nu van jullie dat die boot dus gepakt is en dat [betrokkene 6] en [betrokkene 13] vast zitten. Ik vind dat erg voor die jongens, maar ze kunnen niet zeggen, dat ik hen niet heb gewaarschuwd.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/03ef99ea347ed1946411c9e60d8994f9f90d4e4087fced95113c30d0dd5c5a06. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 03ef99ea347ed1946411c9e60d8994f9f90d4e4087fced95113c30d0dd5c5a06, en de alinea staat in dat document op bytes 50969 tot 53275.