Citaat | Hoge Raad 31 augustus 1998

Alinea 59 Hoge Raad 31 augustus 1998

Een alinea uit Hoge Raad 31 augustus 1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2360.

"Bij brief, gedagtekend 12 april 1995 (...), heeft de Griffier van de Hoge Raad belanghebbende in de gelegenheid gesteld het verzuim dat niet is voldaan aan het in art. 6:5, lid 1, letter d, van de Algemene wet bestuursrecht gestelde vereiste, binnen zes weken (...) te herstellen. De termijn voor herstel van dit verzuim eindigde op 24 mei 1995. Nu herstel van het verzuim niet heeft plaatsgevonden, en de Hoge Raad ook ambtshalve niet is gebleken van een grond waarop 's Hofs uitspraak zou behoren te worden vernietigd, zal de Hoge Raad gezien het bepaalde in art. 6:6 van voormelde wet, belanghebbende in het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren."

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d7ea76f3ed426dfaf19567b3ba61dc4b38ee9ec14b6e188533f5e472612e2859. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d7ea76f3ed426dfaf19567b3ba61dc4b38ee9ec14b6e188533f5e472612e2859, en de alinea staat in dat document op bytes 20606 tot 21280.