Citaat | Hoge Raad 31 augustus 1998
Alinea 6 Hoge Raad 31 augustus 1998
Een alinea uit Hoge Raad 31 augustus 1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2360.
3. Beoordeling van de ontvankelijkheid van het beroep in cassatie Bij brief, gedagtekend 1 april 1997, heeft de Griffier van de Hoge Raad belanghebbende in de gele- genheid gesteld het verzuim dat niet is voldaan aan het in artikel 6:5, lid 1, letter d, van de Algemene wet bestuursrecht gestelde vereiste, binnen zes weken na de dagtekening van deze brief te herstellen. De termijn voor het herstel van dit verzuim eindigde op 12 mei 1997 Nu herstel van het verzuim niet heeft plaats- gevonden en de Hoge Raad ook ambtshalve niet is gebleken van een grond waarop 's Hofs uitspraak zou behoren te worden vernietigd, zal de Hoge Raad, gezien het bepaalde in artikel 6:6 van voormelde wet, belanghebbende in het beroep in cassatie niet-ontvankelijk verklaren.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/d7ea76f3ed426dfaf19567b3ba61dc4b38ee9ec14b6e188533f5e472612e2859. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt d7ea76f3ed426dfaf19567b3ba61dc4b38ee9ec14b6e188533f5e472612e2859, en de alinea staat in dat document op bytes 5897 tot 6668.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/d7ea76f3ed426dfaf19567b3ba61dc4b38ee9ec14b6e188533f5e472612e2859 | shasum -a 256