Citaat | Hoge Raad 11 maart 1998
Alinea 103 Hoge Raad 11 maart 1998
Een alinea uit Hoge Raad 11 maart 1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2453.
"(...) Een bekend voorbeeld uit de jurisprudentie betreft (...) HR (...) 1957 (...) De meest kenmerkende punten zijn daar dat de facto de rente afhankelijk was van de winst en de lening een zekere achterstelling kende bij de overige schulden van de debiteur. Bijzonder zijn ook de voorwaarden in het contract van geldlening in de onderhavige casus, maar dan meer in de vorm van het ontbreken van voorwaarden die men zou verwachten bij ten titel van geldlening verstrekte gelden. Opvallend is de voorwaarde dat in geval van verlies niet behoeft te worden afgelost. Het komt ons voor dat het belang van deze uitspraak is gelegen in het feit dat ook als er sprake is van een vaste rente de ondernemer kennelijk toch te maken kan krijgen met het in zekere mate deel hebben."
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/bf3d2b2f3bb802c2b2f9c65de17b653c4a9b0de018bf8d7934d5882c39fda24f. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt bf3d2b2f3bb802c2b2f9c65de17b653c4a9b0de018bf8d7934d5882c39fda24f, en de alinea staat in dat document op bytes 42121 tot 42905.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/bf3d2b2f3bb802c2b2f9c65de17b653c4a9b0de018bf8d7934d5882c39fda24f | shasum -a 256