Citaat | Hoge Raad 26 augustus 1998
Alinea 6 Hoge Raad 26 augustus 1998
Een alinea uit Hoge Raad 26 augustus 1998, ECLI:NL:HR:1998:AA2543.
3. Beoordeling van de middelen van cassatie 3.1. In cassatie kan van het volgende worden uitgegaan: Belanghebbende is een van de drie werkmaatschappijen van de in 1987 op initiatief van het toenmalige Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen opgerichte Stichting X (hierna: de stichting), welke stichting als doel heeft de kwaliteit van het Nederlandse onderzoek en onderwijs op het gebied van de informatietechnologie en computerdienstverlening te vergroten. De aandelen in belanghebbende zijn voor 51% in handen van de stichting, en voor het overige in die van A. In het kader van de landelijke dienstverlening exploiteert belanghebbende een computernetwerk. De gebruikers zijn de universiteiten, hogescholen, technologische instituten en bibliothecaire instellingen. Belanghebbende bekostigt zichzelf met de vergoedingen, die zij vraagt voor haar diensten en producten, en kent een sluitende exploitatie. De stichting speelt een initi'rende en cosrdinerende rol bij de ontwikkeling van innovaties. Belanghebbende houdt zich, naast het beheren van het netwerk, ook intensief bezig met innovatie van het netwerk en de aangeboden diensten. De innovatieve projecten worden grotendeels gefinancierd uit externe bronnen, waarbij de stichting de belangrijkste is. Het toenmalige Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen heeft in dit verband aan de stichting, onder bepaalde voorwaarden met betrekking tot controle over de besteding, een bijdrage van f 5.000.000,-- per jaar toegezegd voor innovatieprojecten. Bij brief van 15 mei 1996 heeft de stichting in dat kader te kennen gegeven het innovatieproject van belanghebbende, Activity Plan D, fase 3, goed te keuren en opdracht verleend om dit project uit te voeren met toekenning van de hiervÛÛr door voornoemd ministerie beschikbaar gestelde subsidie. EÈn van de voorwaarden die de stichting stelde, was dat belanghebbende periodiek over het project dient te rapporteren met betrekking tot voortgang en bestede middelen. In het tijdvak november 1995 bracht belanghebbende bij de stichting in rekening de door haar in oktober 1995 met betrekking tot het hiervÛÛr genoemde innovatieproject verrichte werkzaamheden. De hiervoor in rekening gebrachte kosten beliepen f 422.766,--, over welk bedrag belanghebbende omzetbelasting tot een bedrag van f 73.984,-- op aangifte heeft voldaan.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/00a4392ef73cff78e38a7881976bfd3e536eb8fd3d8650fc4965d0a2937de969. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 00a4392ef73cff78e38a7881976bfd3e536eb8fd3d8650fc4965d0a2937de969, en de alinea staat in dat document op bytes 5292 tot 7643.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/00a4392ef73cff78e38a7881976bfd3e536eb8fd3d8650fc4965d0a2937de969 | shasum -a 256