Citaat | Hoge Raad 10 april 1998
Alinea 39 Hoge Raad 10 april 1998
Een alinea uit Hoge Raad 10 april 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZC2629.
3.7 Reeds de hiervoor in 3.6 aangestipte feilen in ’s Hofs motivering maken dat zijn daarop voortbouwende oordelen – met name die in de tweede, derde en vierde alinea onder 4 van zijn vonnis – geen stand kunnen houden. Deze oordelen geven overigens ook als zodanig blijk van een onjuiste rechtsopvatting. Het is immers, blijkens het in 3.5 overwogene, onjuist om, zoals het Hof heeft gedaan, ervan uit te gaan dat het oordeel dat de koper is tekortgeschoten in de in de gegeven omstandigheden op hem rustende plicht om te onderzoeken hoe ernstig de scheurvorming in het huis was, of deze een structureel karakter droeg en zo ja wat daarvan de oorzaak was, zonder meer de slotsom wettigt dat op de verkopers terzake geen mededelingsplicht rustte. Het Hof had zich, integendeel, de vraag moeten stellen of de verkopers, die – naar de koper aan zijn vorderingen ten grondslag heeft gelegd en het Hof in het midden heeft gelaten, zodat daarvan in cassatie veronderstellenderwijs moet worden uitgegaan – wisten dat de scheurvorming in het huis van structurele aard is en wordt veroorzaakt doordien de fundering van het huis te wensen overlaat, alsmede dat de oplossing van het probleem zeer kostbaar is waardoor de waarde van het huis ernstig wordt aangetast, toen zij constateerden dat de koper zo onvoorzichtig was om, hoewel hij scheurvorming en zettingen had gezien en hoewel hem (in de visie van het Hof) ook was “meegedeeld dat er scheurvorming in het huis aanwezig was”, geen vragen omtrent scheurvorming te stellen en daarnaar geen verder onderzoek te doen, naar de in het verkeer geldende opvattingen gehouden waren hem van voormelde, hun bekende feiten mededeling te doen. Het antwoord zal afhangen van hetgeen omtrent voormelde, veronderstellenderwijs aangenomen feiten en de andere omstandigheden van het geval zal komen vast te staan en zal derhalve eerst na een nader onderzoek te dier zake kunnen worden gegeven. De op dit een en ander gerichte, in het middel, met name in onderdeel 2 besloten klachten treffen mitsdien eveneens doel.
Zelf controleren
Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/f39a3c154af1639f89c51189d3be866353cd9ff72bc32d27f9e42912d66111aa. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt f39a3c154af1639f89c51189d3be866353cd9ff72bc32d27f9e42912d66111aa, en de alinea staat in dat document op bytes 19387 tot 21483.
$ curl -s https://bron.page/api/v1/blobs/f39a3c154af1639f89c51189d3be866353cd9ff72bc32d27f9e42912d66111aa | shasum -a 256