Citaat | Hoge Raad 1 mei 1998

Alinea 25 Hoge Raad 1 mei 1998

Een alinea uit Hoge Raad 1 mei 1998, ECLI:NL:HR:1998:ZC2640.

Verweerster in cassatie — verder te noemen: [verweerster] — heeft bij exploit van 11 juni 1992 eisers tot cassatie — verder gezamenlijk te noemen: de Maatschap — gedagvaard voor de Rechtbank te Haarlem en gevorderd de Maatschap te veroordelen om aan [verweerster] te voldoen een bedrag van ƒ 121.627,86, vermeerderd met de wettelijke rente over dat bedrag vanaf 20 februari 1991. Bij conclusie van repliek heeft [verweerster] haar vordering vermeerderd met een vordering tot betaling aan haar van een bedrag van ƒ 7.641,40 dan wel een zodanig bedrag als de Rechtbank in goede justitie zal vermenen te behoren, wegens buitengerechtelijke incassokosten.

Zelf controleren

Voor dit citaat hoeft niemand Bron op zijn woord te geloven. Het document dat rechtspraak.nl publiceerde, staat op https://bron.page/api/v1/blobs/02eb3330404c4501737148b988ce0739f56220c7d0690e11284be52afbc97d8a. Wie het ophaalt en de SHA-256 ervan berekent, krijgt 02eb3330404c4501737148b988ce0739f56220c7d0690e11284be52afbc97d8a, en de alinea staat in dat document op bytes 6460 tot 7134.